Clark Abraham en Santa Clara: formeel correct, maar bestuurlijk ongemakkelijk

· - leestijd 1 minuut
Voormalige gedeputeerden Clark Abraham en Anjelica Cicilia.
Voormalige gedeputeerden Clark Abraham en Anjelica Cicilia. Foto: Archief ABC Online media

KRALENDIJK - De feitenreconstructie rond Santa Clara levert geen harde veroordelingen op, maar laat wel een ongemakkelijke werkelijkheid zien. Centraal staat de vraag hoe het Openbaar Lichaam Bonaire grond aankocht van familieleden van voormalig gedeputeerde Clark Abraham en welke rol Abraham zelf speelde in de besluitvorming daaromheen. Hij komt nadrukkelijk in beeld: niet omdat hij aantoonbaar regels heeft overtreden, maar omdat zijn rol zich afspeelt in het grijze gebied tussen formele correctheid en bestuurlijke wenselijkheid.


Het onderzoek, ingesteld om helderheid te brengen in een dossier dat al langer onder spanning staat, richt zich op de vraag hoe besluitvorming tot stand is gekomen en wie daarbij welke rol heeft gespeeld. De belangrijkste conclusie is dat het proces formeel grotendeels volgens de regels is verlopen, maar dat de feitelijke gang van zaken complexer en minder eenduidig is.

In die complexiteit valt op dat Abraham formeel afstand hield waar dat van hem verwacht mocht worden. Tegelijkertijd zijn er aanwijzingen dat zijn betrokkenheid zich niet beperkte tot wat zichtbaar is in officiële besluitvorming. Juist dat spanningsveld maakt de casus bestuurlijk relevant: invloed hoeft niet altijd formeel te zijn om betekenis te hebben.

Wat daarbij extra opvalt, is de wijze waarop verantwoordelijkheid in het dossier wordt gepositioneerd. In de reconstructie komt naar voren dat Abraham bij cruciale onderdelen nadrukkelijk verwijst naar de rol van toenmalig gedeputeerde Anjelica Cicilia. Daarmee wordt een belangrijk deel van de besluitvorming en afwegingen in haar richting geplaatst.

Dat is op zichzelf niet opmerkelijk, Cicilia vervulde op dat moment een relevante bestuurlijke rol. Maar in de politieke context waarin zij kort daarna door de bestuurscoalitie onder leiding van Abraham de facto terzijde werd geschoven, krijgt die verwijzing een bredere lading. Het roept de vraag op in hoeverre verantwoordelijkheden hier zuiver worden weergegeven, of dat achteraf een scherpere scheiding wordt aangebracht dan destijds feitelijk bestond.

De reconstructie spreekt zich niet uit over intenties. Maar het beeld dat ontstaat, is dat van een bestuurder die formeel binnen de lijnen blijft, terwijl de feitelijke betrokkenheid diffuser is en de toedeling van verantwoordelijkheid niet altijd eenduidig.

Dat maakt Santa Clara geen zaak van duidelijke overtredingen, maar van bestuurlijke normen. Want goed bestuur gaat niet alleen over wat je formeel mag doen, maar ook over wat je, gezien je positie, beter kunt nalaten. Zeker in een kleine gemeenschap, waar bestuurlijke en persoonlijke lijnen elkaar raken, is die norm van terughoudendheid essentieel.

De casus rond Clark Abraham laat zien hoe dun die lijn kan zijn. Formeel lijkt er weinig aan de hand. Maar in de praktijk ontstaat een beeld dat schuurt, niet omdat regels zijn gebroken, maar omdat de geest ervan mogelijk onvoldoende is gevolgd.

En precies daarin schuilt de kern van Santa Clara: niet wat aantoonbaar fout ging, maar wat bestuurlijk beter had gekund.

Het volledige rapport, opgesteld door het bureau EBBEN Partners lees je hier.


1.788 keer gelezen

Deel dit artikel: