Nieuws van Bonaire

Nogmaals Wereldbank-enquête 

Ingezonden door René Roders

Gisteren publiceerde Harald Linkels een bijdrage over de onnavolgbaarheid  van het taalgebruik in de Nederlandse versie van de Wereldbank-enquête. Had het zich daartoe maar beperkt, er is namelijk wel meer aan de hand met die enquête.

Een basisregel voor schriftelijke enquêtes is dat de vragen eenduidig moeten zijn. Deze enquête is dat op meerdere plaatsen niet. Enkele voorbeelden. In een van de vragen wordt de invuller gevraagd of hij of zij het belangrijk vindt dat er meer banen en woningen beschikbaar komen. Dit horen twee afzonderlijke vragen te zijn. Nog zo’n voorbeeld: in een vraag wordt gevraagd hoe belangrijk ik het vindt dat er aandacht aan verfraaiing en verbetering van de infrastructuur wordt geschonken. Verfraaiing hoeft voor mij niet, verbetering nadrukkelijk wel. Hoe moet ik nou op deze vraag antwoorden? Dit zijn echte beginnersfouten die door de ontwikkelaar van de enquête zijn gemaakt.

Maar veel ernstiger is het feit dat iedereen de enquête wel honderd keer kan invullen. Dat heb ik proefondervindelijk vastgesteld. Dit betekent dat elke belanghebbende bij bepaalde ontwikkelingen de uitkomst van de enquête in zijn of haar belang kan beïnvloeden door de vragen meerdere keren (desnoods tientallen keren) te (laten) beantwoorden. Iedere professionele samensteller van enquêtes weet of hoort te weten dat dit zo écht niet kan. Een reactie hierop in de zin van ‘we moeten er op vertrouwen dat dit niet gebeurt’ getuigt van hopeloze naïviteit.

Deel dit artikel