Politiek & Bestuur

(Financieel) Directeur Oil Trading Bonaire betaalde zichzelf 388 duizend dollar teveel uit

De directeur staat inmiddels voor ruim 388 duizend dollar in het rood bij de overheidsNV.

Kralendijk- De door de overheid aangestelde directeur van Oil Trading Bonaire (OTB), S. Balentien, betaalde zichzelf in de periode tussen 2014 en 2018 een bedrag van ruim 388.000 dollar meer uit, dan waar hij volgens ondertekende overeenkomsten recht op had.

Dat blijkt uit een accountantsrapport van registeraccoutant Ruud de Dood, van het accountantsbedrijf Audit Force te Curaçao. De doorlichting van de boekhouding van het overheidsbedrijf geschiedde op verzoek van de directeur die door de aandeelhouder werd aangesteld om Balentien op te volgen.

In hoeverre er sprake is van fraude, dan wel van het opnemen van voorschotten op een (mondeling?) hoger overeengekomen vergoeding is niet direct duidelijk. Wel blijkt uit het onderzoek van Den Dood, dat er in elk geval geen getekende overeenkosten aan de uitbetalingen c.q. de opnames van Balentien ten grondslag liggen.

Balentien werd door het toenmalige BC, onder leiding van gezaghebber Herbert Domacassé, in 2005 aangesteld als President Directeur van OTB. In eerste instantie verrichtte Balentien de genoemde functie als privépersoon, terwijl dit later werd omgezet naar een overeenkomst met een bedrijf van Balentien, Balfran N.V. Ook werd de functie van Balentien c.q. Balfran N.V. later gewijzigd naar die van Financieel Directeur.

Daar waar in eerste instantie een vergoeding van 2.960 dollar per maand (toendertijd nog 5000 gulden) en 35.530 dollar per jaar, betaalde Balentien zichzelf vanaf 2014 respectievelijk 35.000 2014), 69.000 (2015), 87.000 (2016), 125.000 (2017) en 10.000 (2018) dollar teveel uit.

Volgens de accountant die het onderzoek verrichtte, kon hij geen getekende stukken vinden die verklaarden waarom Balentien zichzelf vanaf 2014 opeens aanzienlijk meer uitbetaalde. Wel gaf Balentien aan dat de betalingen zouden zijn bedoeld als ‘voorschot’ op een gewijzigde management overeenkomst.

Aan het uitbetalen van de aanzienlijke extra bedragen lijkt pas een eind te zijn gekomen, toen de aandeelhouder begin 2018 een anderen directeur aanstelde in de persoon van Rene Lauffeur.

De royale betalingen aan Balentien en Balfran N.V. zijn niet de enige onvolkomenheden die verbazing opwekken. OTB voerde geen eigen boekhouding, maar liet de jaarrekening samenstellen door Caribbean Accounting Services, een dochter van accountantsorganisatie PwC. De organisatie liet echter na om aangiften Winstbelasting te verzorgen over de periode tussen 2004 en 2009, met aanzienlijke boetes tot gevolg.

Tot en met 2009 zijn de jaarrekeningen van OTB voorzien van een Goedkeurende accountantsverklaring van PwC, maar daarna niet meer.

In november 2018 zijn er jaarrekeningen gepresenteert over 2015, 2016 en 2017, maar die hebben slechts een ‘samenstellingsverklaring’ van PwC’s opvolger Grant Thornton.

Volgens de statuten van OTB dienen jaarrekeningen door een Registeraccountant te worden onderzocht, hetgeen niet consistent schijnt te zijn geschied.

Deel dit artikel